Eerder schreven we al uitgebreid over hondenpoep. Dat het aso is om het te laten liggen, maar ook verboden én slecht voor de natuur vanwege stikstof. Maar er is nog een minder bekende milieureden om even te bukken met een poepzakje of om kritisch te kijken naar de vlooienmiddelen voor je huisdier. Uit onderzoek blijkt namelijk dat stoffen uit anti-vlooien- en tekenmiddelen van honden én katten in het milieu terecht kunnen komen. Via haren, ontlasting of zelfs zwemwater belanden deze schadelijke insectendodende stoffen in de natuur. En dat is slecht nieuws!
Wat zit er in anti-vlooienmiddelen voor honden en katten?
Om huisdieren te beschermen tegen vlooien en teken gebruiken veel baasjes een pipetje in de nek, een vlooienband of een kauwtablet. In deze anti-vlooienmiddelen zitten stoffen die insecten doden. Dat is natuurlijk ook precies de bedoeling. Maar sommige van die werkzame stoffen met lastige namen, zoals imidacloprid en fipronil, staan erom bekend dat ze ook schadelijk kunnen zijn voor andere insecten en voor het waterleven. Ze werden vroeger zelfs in de landbouw gebruikt als bestrijdingsmiddel. Inmiddels zijn ze daar verboden of streng gereguleerd vanwege de risico’s voor bijvoorbeeld bijen en waterorganismen. Best gek dus dat deze middelen nog wel worden gebruikt bij huisdieren, die ze vervolgens weer in de omgeving kunnen verspreiden.
Hoe komen anti-vlooienmiddelen in de natuur terecht?
Je zou denken dat zulke middelen gewoon op de vacht van je huisdier blijven zitten. Maar dat blijkt in de praktijk niet zo te zijn. Onderzoekers ontdekten dat honden en katten deze stoffen ook weer afgeven aan hun omgeving. Dat gebeurt bijvoorbeeld via haren die ze verliezen, via urine en poep. Ook wanneer een hond in een sloot of plas springt, kunnen resten van het middel in het water terechtkomen. Zelfs uitgekamde haren kunnen een rol spelen. Die belanden soms in de tuin of waaien de natuur in. Vogels gebruiken ze regelmatig als nestmateriaal. Daardoor kunnen jonge vogels mogelijk ook met deze insectendodende stoffen in aanraking komen. Onderzoekers van Wageningen University & Research wilden weten of honden inderdaad een bron kunnen zijn van deze stoffen in het milieu. Daarom namen ze monsters van hondenhaar, urine en water waarin honden hadden gezwommen. In die monsters werden duidelijke sporen van anti-vlooienmiddelen gevonden. Dat bevestigt dat deze stoffen via huisdieren in de directe omgeving terecht kunnen komen, en uiteindelijk ook in het oppervlaktewater.
OOK INTERESSANT: eerste hulp bij zwemmen in blauwalg (en hoe ontstaat deze bacterie in het water eigenlijk).



Anti-vlooienmiddelen zijn soms broodnodig, maar ze komen wel via je huisdier in de natuur terecht.
Anti-vlooienmiddelen voor katten en honden ook schadelijk voor vogels
Volgens Vogelbescherming Nederland vormen behandelde honden- en kattenharen zelfs een risico voor vogels. Haren van huisdieren zijn namelijk populair nestmateriaal voor bijvoorbeeld mezen. Wanneer dieren zijn behandeld met anti-vlooienmiddelen kunnen er pesticiden op die haren zitten. Jonge vogels komen daar vervolgens direct mee in aanraking wanneer ze in het nest liggen. In onderzoek naar sterfte bij jonge koolmezen werden zelfs 26 verschillende pesticiden gevonden. Een groot deel daarvan bleek afkomstig van anti-vlooien- en tekenmiddelen. Omdat vogels de haren niet opeten maar er wel dagenlang op zitten, kunnen vooral pasgeboren kuikens extra kwetsbaar zijn.
Wat kun je als huisdierbaasje doen met anti-vlooienmiddelen?
Dit betekent natuurlijk niet dat je je hond of kat dan maar onbeschermd moet laten rondlopen. Vlooien en teken kunnen namelijk behoorlijk vervelend zijn voor dieren én voor jou! Wel hebben we tips hoe je bewuster om kunt gaan met anti-vlooienmiddelen. Een paar simpele dingen kunnen al verschil maken:
- Gooi uitgekamde honden- of kattenharen bij het restafval en niet in de tuin.
- Laat je hond liever niet meteen zwemmen na een behandeling met anti-vlooienmiddelen, bijvoorbeeld na een pipetje in de nek.
- Gebruik anti-vlooienmiddelen alleen wanneer dat echt nodig is.
- Probeer vlooienbandjes te vermijden. Tabletten en injecties lijken een lagere milieu-impact te hebben, maar dat moet nog worden onderzocht. Ook zijn er medicijnen op de markt met minder schadelijke ingrediënten voor de natuur.
- Overleg met de dierenarts welke anti-vlooienmiddelen het meest geschikt zijn voor jouw huisdier.
Een tip van Milieu Centraal: je kunt een vlooienplaag vaak ook deels voorkomen zonder meteen naar chemische middelen te grijpen. Controleer je huisdier regelmatig met een vlooienkam en houd de slaap- en rustplekken van je dier schoon. Regelmatig stofzuigen, manden uitkloppen en textiel op 60 graden wassen kan al veel schelen. Ook is het goed om jezelf af te vragen of preventief behandelen altijd nodig is. In sommige gevallen – bijvoorbeeld bij een binnenkat die weinig contact heeft met andere dieren – is de kans op een vlooienplaag relatief klein.
En natuurlijk blijft ook dat andere punt gelden: ruim hondenpoep netjes op. Niet alleen voor je medemens, maar dus ook voor de natuur!
Dit vind je vast ook interessant
- Bekijk ook: help de natuur en koop gifvrije planten!
- Bekijk ook: op bezoek bij het enige vissenasiel van Europa (in Sliedrecht).
- Bekijk ook: help de egel in de tuin!
Bronnen: Radar (aflevering 15/9/2025), WUR, naturetoday.com, milieucentraal.nl, vogelbescherming.nl. Photo credits: Oliver Wagenblatt, Pexels (hoofdbeeld, teckel), overig: thegreenlist.nl (zakje) Depth of Raw, Pexels (vlooien), Joy Xu, Pexels (kat).



